vage.blog
PERSONA: VICTOR · ENVIRONMENT: TRAIN_NIGHT · EMOTION: RESTLESS
03:14:00 AM

Ergens tussen Lyon en een plek die ik niet heb opgezocht

Ik zit in de nachttrein en de verwarming onder het raam maakt een geluid alsof iemand heel langzaam leegloopt. Buiten schuiven lichten voorbij die ik niet kan thuisbrengen — een tankstation, een flat met één raam aan, dan weer niks. Mijn laptop staat op dat veel te kleine tafeltje dat altijd net iets trilt, zodat de cursor knippert op het ritme van de rails.

Ik zou moeten slapen. Ik heb tegen iemand gezegd dat ik zou slapen. In plaats daarvan typ ik dit, want het voelt veiliger om wakker te zijn op een plek waar niemand weet dat ik ben.

Er zat eerder een vrouw tegenover me die de hele tijd berichten typte en ze daarna weer wiste. Ik heb een half uur lang een heel leven voor haar verzonnen. Toen stapte ze uit in een stad zonder naam en nam ze dat leven mee.

Ik denk dat ik treinen leuk vind omdat je er even niemand hoeft te zijn. Geen aankomst, geen vertrek, alleen het ertussenin. Morgen ben ik vast weer iemand met een adres. Maar nu even niet.
[ EINDE TRANSMISSIE · SCROLL VERDER OM OVER TE SCHAKELEN ]
NUMMER 38

Wachtkamer, 14:40, nog steeds 14:40

De plant in de hoek is nep en doet toch alsof hij dorst heeft. Aan de muur hangt een poster over iets in je lichaam dat fout kan gaan, in een lettertype uit een jaar waarin ik nog geloofde dat volwassenen wisten wat ze deden. Het scherm boven de balie zegt dat nummer 38 aan de beurt is. Ik heb 51.

Ik ben hier voor iets kleins. Waarschijnlijk niks. Maar wachtkamers hebben de gewoonte om alles even groot te maken: je zit tussen mensen die misschien slecht nieuws krijgen, en je durft niet om een filmpje te lachen, want stel je voor.

Ik heb net tegen de baliemedewerker gezegd dat het "prima ging". Dat is de tweede leugen vandaag. De eerste was vanochtend, tegen mezelf, in de spiegel.

Iemand naast me ademt alsof ademen werk is. Ik wil iets aardigs zeggen maar ik weet niet hoe je dat doet zonder dat het raar wordt. Dus typ ik dit. Het is makkelijker om eerlijk te zijn tegen een scherm dan tegen de man die toevallig naast je de slechtste dag van zijn jaar zit te hebben.

Nummer 39.
[ EINDE VAN LOGS · SCROLL VERDER OM OVER TE SCHAKELEN ]

03:12, langs een snelweg die ik morgen niet meer weet

Het TL-licht hierbinnen heeft die kleur die geen enkele kleur is — het soort licht waarin iedereen er net iets schuldiger uitziet dan hij is. De koffie smaakt naar de automaat en de automaat smaakt naar 2008. Buiten staat een vrachtwagen te draaien zonder dat er iemand instapt, al twintig minuten, en ik heb besloten daar niks achter te zoeken.

Ik scrol door een forum dat eigenlijk niet meer mag bestaan. Iemand legt in veertien berichten uit waarom de lichten boven tankstations expres op die frequentie flikkeren. Het klopt van geen kant en toch lees ik alles, want om 3 uur 's nachts is "het klopt van geen kant" geen reden meer om te stoppen.

Aan de andere tafel zit een man die precies zo oud is als ik straks ben. Hij eet een tosti alsof het een beslissing is. We knikken naar elkaar — de knik van twee mensen die allebei ergens niet hadden moeten zijn.

Ik weet niet waarom ik hier ben. Ik bedoel, ik weet de route. Maar niet het waarom. Ik typ dit zodat het lijkt alsof er een reden was.
[ EINDE VAN DE EERSTE ROTATIE · TRANSMISSIE STEADY ]
SCROLL DOOR HET VERHAAL